Maasziekenhuis en voortuin
  1. Home
  2. Behandeling & onderzoek
  3. Adviezen voor thuis na een gebroken teen
Patiëntenfolder

Adviezen voor thuis na een gebroken teen

Op de röntgenfoto die u net heeft laten maken is een breuk te zien in een van de kleine botjes van uw teen. In deze folder leest u een aantal maatregelen die u kunnen helpen bij uw herstel.

De radioloog heeft de röntgenfoto gezien en de stand van de breuk is goed genoeg om de breuk nu zonder operatie of gips te behandelen. U hoeft dus ook niet naar de Eerste Hulp.

De teen heeft rust nodig. Dat kan het beste door de volgende maatregelen thuis te nemen:

  • Draag stevige schoenen. Dat is een schoen die tijdens het lopen zo min mogelijk beweegt, dus met een stevige zool en een stevige neus.
  • De gezonde teen naast de gebroken teen kan als spalkje gebruikt worden. Dit noemen wij een buddy tape. U kunt met de bijgeleverde buddy splint uw gebroken teen aan een naastliggende teen vastmaken. Dit zorgt voor extra stevigheid.

 

Gebroken teen aan een naastliggende teen vastmaken.

 

  • Houd uw voet omhoog als het kan. Dit zorgt voor afname van de zwelling en minder pijn.

Medicatie

Bij pijn mag u 4 keer per dag 2 tabletten van 500 mg Paracetamol gebruiken. Lees bij kinderen de hoeveelheid in de bijsluiter.

Genezing

Het bot heeft een week of 3-4 nodig om te genezen. Dus u kunt de teen 3-4 weken niet zwaar belasten. Houd hier rekening mee bij sport en werk. Normaal gesproken is het bot na 4 weken wel genezen, maar dat betekent niet dat u er geen last meer van heeft. Het is normaal dat de teen nog wat stijf en gevoelig is.

Wanneer neemt u contact op met het ziekenhuis?

Als de genezing van uw teen niet elke week verbetert neem dan contact op met de polikliniek Chirurgie op telefoonnummer 0485 – 84 53 35.
Buiten kantooruren kunt u contact opnemen met de Spoedeisende Hulp op telefoonnummer 0485- 84 53 31.

Meer informatie

Heeft u na het lezen van deze folder nog vragen? Neemt u dan contact op met de Polikliniek Chirurgie op telefoonnummer 0485-84 53 35.

Specialismen